Home Oeratoom Materie De aarde Het heelal Evolutie De mens Het leven Meer voorspellingen
© Als je iets kopieert, wil je dan naar deze website verwijzen?
gasbellen

Hoe ontstaat alle zuurstof ? 

Zuurstof is dé grootste bron van energie voor mens, dier en plant. Alle mensen, dieren en planten ademen zuurstof uit de lucht in en gebruiken dat voor de cellulaire verbranding van hun voedsel. Daardoor krijgen zij energie en kracht.
In het dagelijks leven geeft de verbranding van hout, steenkool, olie, diesel, kerosine, gas en benzine met zuurstof, vele miljarden motoren en ontelbaar veel machines, kracht en energie. Er zijn veel apparaten die energie vragen voor het verwarmen van gebouwen. Airco’s vragen energie voor het weer afkoelen van gebouwen en huizen. Miljarden auto’s, vrachtauto’s, tienduizenden vliegtuigen, miljoenen brommers en scooters, al die motoren verbruiken dagelijks niet te meten hoeveelheden zuurstof. Daarnaast zijn er geregeld overal op de wereld gigantische bosbranden, maar ook het gewone dagelijkse koken met gas of op een gewoon houtvuurtje door miljarden mensen vraagt enorme hoeveelheden zuurstof. 
Is het niet wonderbaarlijk dat het zuurstofgehalte in de atmosfeer min of meer constant twintig procent blijft, terwijl er elk moment onvoorstelbaar veel zuurstof wordt verbruikt door die miljarden mensen, dieren, planten, micro- organismen, motoren, apparaten en machines? Bovendien neemt de vraag naar energie elk jaar toe. De afgelopen tien jaar is het gebruik van fossiele brandstoffen met meer dan tien procent toegenomen. De vraag naar energie groeit ontzettend hard sinds het begin van de industriële revolutie, die in de 18e eeuw begon. Bovendien is sinds die tijd de wereldbevolking ruim zes keer zo groot geworden, maar desondanks blijft het zuurstofgehalte in de aardatmosfeer constant.

Energie

Constant 20%

Ontstaan van zuurstof

De wetenschap heeft al lang geleden ontdekt dat planten, bomen en algen zuurstof produceren. Maar ondanks het kappen van oerwouden overal op de wereld, waar veel mensen zich grote zorgen om maken, blijft het zuurstofgehalte op aarde rond de twintig procent. Als het aantal bossen en bomen op aarde steeds kleiner wordt, woestijnen zich uitbreiden en de uitbreidende mensheid met zijn immer groeiende energiehonger steeds meer zuurstof nodig heeft voor zijn vele (industriële) activiteiten en houtvuren, waarom wordt het zuurstofgehalte in de aardse atmosfeer dan niet geleidelijk aan lager? Kunnen algen, die de helft van de zuurstofproductie voor hun rekening zouden nemen, dit verlies aan zuurstof compenseren? Is het niet wonderlijk dat het zuurstofgehalte constant twintig procent blijft? Een paar honderd jaar geleden was de wereldpopulatie veel kleiner en toen waren er geen industriële activiteiten. De oerwouden op aarde waren destijds zeer veel groter en toch was ook toen het zuurstofgehalte twintig procent.
Jakob Lorber geeft – gezien vanuit de traditionele wetenschappelijke opvattingen - in deel 2, hoofdstuk 4:6 van zijn boek “Aarde en Maan”, een heel bijzondere verklaring voor de vorming van zuurstof. Zuurstof ontstaat direct uit zonlicht en ether. Citaat: “Men zal vragen waar deze lucht vandaan komt? Ik zeg jullie: waar ook die van de aarde vandaan komt, namelijk uit de grote voorraadkamer van de oneindige, overal met licht en ether gevulde ruimte!”    Einde citaat. Deze zienswijze maakt duidelijk dat niet planten, algen en bossen hier op aarde de zuurstofproductie op aarde verzorgen, maar Gods geestelijke krachten. Die zorgen ervoor dat er steeds voldoende zuurstof in de lucht aanwezig is. Gods Licht, in de vorm van zonlicht, sterrenlicht en ether, blijkt de ware bron van zuurstof en alle materie te zijn. De hoeveelheid zuurstof wordt vanuit het heelal met de hulp van zonlicht en ether steeds aangevuld. Op deze manier zorgt God ervoor dat het zuurstofgehalte in de aardatmosfeer constant blijft. Zie ook Jakob Lorber  Grote Johannes Evangelie deel 8, hoofdstuk 100:10 Huishouding van God deel 3, hoofdstuk 341:4 Huishouding van God deel 2, hoofdstuk 7:3 Aarde en Maan hoofdstuk 45 en 46 Geheimen van de Natuur blz. 11 De geneeskracht van het zonlicht, blz 11
Site Navigation
© Als je iets kopieert, wil je dan naar deze website verwijzen?

Hoe ontstaat alle zuurstof

? 

Zuurstof is dé grootste bron van energie voor mens, dier en plant. Alle mensen, dieren en planten ademen zuurstof uit de lucht in en gebruiken dat voor de cellulaire verbranding van hun voedsel. Daardoor krijgen zij energie en kracht.
In het dagelijks leven geeft de verbranding van hout, steenkool, olie, diesel, kerosine, gas en benzine met zuurstof, vele miljarden motoren en ontelbaar veel machines, kracht en energie. Er zijn veel apparaten die energie vragen voor het verwarmen van gebouwen. Airco’s vragen energie voor het weer afkoelen van gebouwen en huizen. Miljarden auto’s, vrachtauto’s, tienduizenden vliegtuigen, miljoenen brommers en scooters, al die motoren verbruiken dagelijks niet te meten hoeveelheden zuurstof. Daarnaast zijn er geregeld overal op de wereld gigantische bosbranden, maar ook het gewone dagelijkse koken met gas of op een gewoon houtvuurtje door miljarden mensen vraagt enorme hoeveelheden zuurstof. 
Is het niet wonderbaarlijk dat het zuurstofgehalte in de atmosfeer min of meer constant twintig procent blijft, terwijl er elk moment onvoorstelbaar veel zuurstof wordt verbruikt door die miljarden mensen, dieren, planten, micro-organismen, motoren, apparaten en machines? Bovendien neemt de vraag naar energie elk jaar toe. De afgelopen tien jaar is het gebruik van fossiele brandstoffen met meer dan tien procent toegenomen. De vraag naar energie groeit ontzettend hard sinds het begin van de industriële revolutie, die in de 18e eeuw begon. Bovendien is sinds die tijd de wereldbevolking ruim zes keer zo groot geworden, maar desondanks blijft het zuurstofgehalte in de aardatmosfeer constant.

Energie

Constant 20%

De wetenschap heeft al lang geleden ontdekt dat planten, bomen en algen zuurstof produceren. Maar ondanks het kappen van oerwouden overal op de wereld, waar veel mensen zich grote zorgen om maken, blijft het zuurstofgehalte op aarde rond de twintig procent. Als het aantal bossen en bomen op aarde steeds kleiner wordt, woestijnen zich uitbreiden en de uitbreidende mensheid met zijn immer groeiende energiehonger steeds meer zuurstof nodig heeft voor zijn vele (industriële) activiteiten en houtvuren, waarom wordt het zuurstofgehalte in de aardse atmosfeer dan niet geleidelijk aan lager? Kunnen algen, die de helft van de zuurstofproductie voor hun rekening zouden nemen, dit verlies aan zuurstof compenseren? Is het niet wonderlijk dat het zuurstofgehalte constant twintig procent blijft? Een paar honderd jaar geleden was de wereldpopulatie veel kleiner en toen waren er geen industriële activiteiten. De oerwouden op aarde waren destijds zeer veel groter en toch was ook toen het zuurstofgehalte twintig procent.

Ontstaan van zuurstof

Jakob Lorber geeft – gezien vanuit de traditionele wetenschappelijke opvattingen - in deel 2, hoofdstuk 4:6 van zijn boek “Aarde en Maan”, een heel bijzondere verklaring voor de vorming van zuurstof. Zuurstof ontstaat direct uit zonlicht en ether. Citaat: “Men zal vragen waar deze lucht vandaan komt? Ik zeg jullie: waar ook die van de aarde vandaan komt, namelijk uit de grote voorraadkamer van de oneindige, overal met licht en ether gevulde ruimte!”    Einde citaat. Deze zienswijze maakt duidelijk dat niet planten, algen en bossen hier op aarde de zuurstofproductie op aarde verzorgen, maar Gods geestelijke krachten. Die zorgen ervoor dat er steeds voldoende zuurstof in de lucht aanwezig is. Gods Licht, in de vorm van zonlicht, sterrenlicht en ether, blijkt de ware bron van zuurstof en alle materie te zijn. De hoeveelheid zuurstof wordt vanuit het heelal met de hulp van zonlicht en ether steeds aangevuld. Op deze manier zorgt God ervoor dat het zuurstofgehalte in de aardatmosfeer constant blijft. Zie ook Jakob Lorber  Grote Johannes Evangelie deel 8, hoofdstuk 100:10 Huishouding van God deel 3, hoofdstuk 341:4 Huishouding van God deel 2, hoofdstuk 7:3 Aarde en Maan hoofdstuk 45 en 46 Geheimen van de Natuur blz. 11 De geneeskracht van het zonlicht, blz 11