Over de inzichten van Jakob Lorber, vervolg

Jakob Lorber

Nieuwe Openbaring en nieuwe inzichten

Uiterst belangwekkend is de bijzondere informatie die de Heer aan Jakob Lorber heeft gegeven over Zijn geboorte en Zijn leven als kind en over Zijn Prediking. In de Bijbel staat slechts dat Jezus na Zijn geboorte ‘groeide’ (Luc. 2:40) en na Zijn driedaagse verblijf in de tempel zegt de Bijbel dat weer. Maar Jakob Lorber beschrijft in het boek “De jeugd van Jezus” gedetailleerd wat er in Jezus’ eerste twaalf levensjaren gebeurde. Fascinerende nieuwe kennis wordt daarin gegeven die iedere gelovige eigenlijk zou moeten kennen.

Ook tweeduizend jaar geleden betwijfelden gezaghebbende mensen de onbevlekte ontvangenis van Maria, maar zij werden op krachtige wijze overtuigd dat het waarheid was. De hogepriester bijvoorbeeld veroordeelde als eerste direct Jozef en Maria tot het drinken van het ‘vervloekte’ water, toen hij ontdekte dat Maria zwanger was. Maar Jozef en Maria overleefden dat giftige water en kwamen ongedeerd uit de wildernis terug waar zij naar toe gestuurd waren om daar te sterven.

Voorspellingen

Wat maakt deze profetische Oostenrijkse schrijver geloofwaardig? Omdat hij van de Heer vele voorspellingen heeft ontvangen, op zeer verschillende gebieden van de wetenschap, die alle stuk voor stuk exact en controleerbaar zijn uitgekomen. De boeken van de Nieuwe Openbaring en die nieuwe inzichten zijn daarom bronnen van waarheid, die tot nu toe door relatief weinig mensen op hun onvoorstelbaar grote waarde zijn geschat. Zo ontsluiten deze boeken voor bijvoorbeeld alle wetenschappers en de vele zoekers naar waarheid, totaal nieuwe onderzoeksgebieden en ze bieden een geweldige verdieping van bestaande inzichten voor degene die wil zien. Voorbeelden daarvan staan hieronder en nog meer op de pagina’s: de mens, het ware leven, materie, het heelal en evolutie.

Wereldwijde communicatie voorspeld

In de Nieuwe Openbaring vertelde de Heer aan Jakob Lorber onder andere dat de mens door middel van de “tong van de bliksem” wereldwijd zou gaan communiceren. Hoe waar is dit nu, maar hoe kon iemand in het jaar 1860 zoiets geloven? Nu is een wereld zonder mobiele telefoons en de sociale media ondenkbaar. Heel de wereld staat op dit moment permanent en nagenoeg momentaan met elkaar in verbinding dankzij elektriciteit.

De Heer vertelde aan Jakob Lorber al in 1850 over de onverbrekelijke samenhang tussen de kleine en de grote hersenen. Gedetailleerd vertelt hij er over. Pas sinds een aantal jaren ontdekt de wetenschap dat die kleine hersenen een veel grotere rol spelen dat tot nu toe werd gedacht.

akob Lorber beschrijft hersenen

Beeld en doorsnede van de kleine en grote hersenen.

Wie kon 160 jaar geleden Jakob Lorber geloven, toen hij van de Heer hoorde dat in de toekomst miljoenen mensen met auto’s, boten en vliegtuigen zich sneller zouden kunnen voortbewegen dan een vogel.

Hoe kon Jakob Lorber rond 1860 schrijven dat er ooit vele kilometers diep in de aarde geboord zou gaan worden en dat daarbij zeer brandbare gassen vrij zouden komen? Hij schreef toen over dingen die in zijn tijd totaal onmogelijk leken.

Zo ontstaat materie

De Heer vertelde aan Jakob Lorber hoe materie en dus ook energie en kracht werkelijk zijn ontstaan. Deze visie op materie is echter totaal anders dan de wetenschappelijke. De bron van alle materie blijkt het zon- en sterrenlicht te zijn dat op ingenieuze wijze, onvoorstelbaar snel en onophoudelijk “diertjes”, zeg maar oeratomen, uit licht vormt. Die oeratomen zijn samen met ether de basis voor de vorming van de scheikundige atomen en moleculen.

In de Nieuwe Openbaring verklaart de Heer hoe zonnen ontstaan en hoe het zonlicht is ontstaan. Verder legt Hij uit dat licht in werkelijkheid een geestelijk vuur is. En, heel bijzonder, de hedendaagse theorieën over de kleinste materiedeeltjes zijn volkomen in lijn met de visie op materie, die in de boeken van de Nieuwe Openbaring zijn geschetst.

Wat is materie?

Alles wat wij zien, maar ook wat wij niet kunnen zien, leeft, is leven. Het allerkleinste atomaire deeltje, maar ook het allergrootste wat wij ons kunnen voorstellen, het heelal, leeft. Zelfs de ruimte is niet leeg, hoewel wij wel hebben geleerd dat de ruimte leeg zou zijn. El denkbaar puntje in de lucht hier op aarde en in de ruimte van de oneindige kosmos, is een vorm van intelligent leven. Maar niet alles wat leeft, heeft het eigen besef te leven. Wij mensen hebben wel een bewustheid van bestaan. Een boom of een plant leeft, maar die hebben geen eigen bewustheid van bestaan. Het weten dat wij leven, dat wij bestaan, is uniek voor de mens.

Materie, zoals stenen, bergen, grond, maar ook planten en dieren, zijn gerichte vormen van intelligent leven hoewel dat niet zo lijkt. We leren ook dat een steen ‘dode’ materie zou zijn. Maar in de atomaire bouwstenen van die steen staat niets stil, alles wervelt door en om elkaar, leven dus. Zo is het ook in het heelal, daarin beweegt alles ten opzichte van elkaar en wel met astronomische snelheden die miljoenen keren sneller zijn dan de snelheid van het licht. En de aarde lijkt weliswaar een dode steenklomp, maar het tegendeel is waar, de aarde is een levende planeet die in- en uitademt zoals alle levende wezens doen.